Zo. En toen waren we weer terug. Stiekem zijn we er tussenuit geglipt, om wat hoognodige ontspanning tot ons te nemen. We zijn nauwelijks gemist, vermoed ik. Want de post was niet om over naar huis te schrijven, ons huisje leek niet verrast door onze binnenkomst en de NS had zelfs besloten om, in verband met een seinstoring, de laatste trein vanaf Schiphol naar onze woonstede te schrappen. Ze verrasten ons wel met een gratis taxi, dus dat maakte veel goed.
Stel nou eens dat het allemaal anders gelopen was. Zou je nu dan gelukkig zijn? Zou je dan mensen accepteren zoals ze zijn en proberen te relativeren? Zou je ’s ochtends wakker worden en tevreden zijn met wat je hebt? Zou je dan… vragen… ik stel ze mezelf wel eens. Maar ik heb niet alle antwoorden. En jij?
De trouwe lezer die vol goede moed en tegen beter weten in deze site blijft bezoeken, zou de afgelopen tijd wel eens het idee kunnen hebben gekregen dat de bron der inspiratie van de schrijver dezes allengs opgedroogd is.
Vandaag ben ik exact een jaar ouder dan vorig jaar rond deze tijd. Dat realiseerde ik me toen ik net in de spiegel staarde. Met verbazing bekeek ik het goddelijke lichaam, het mooi gevormde hoofd met het aantrekkelijke gezicht en het goudblonde haar dat daar als een stralend aura omheen gedrapeerd lag en prees mezelf gelukkig. Op dat moment verliet mijn lief het spiegelbeeld om zich te gaan kleden voor deze mooie zondag en liet mij alleen met mijn eigen reflectie. Het gelukzalige moment was op slag verdwenen.
Conclusie: hoogste tijd om weer eens een squashracket ter hand te nemen.
Eigenlijk, diep in mijn hart, interesseert het me allemaal geen reet, heel dat Europa. Ik verlang zelfs vaak terug naar vroeger tijden, toen ze in Frankrijk nog Franken vroegen voor je verse baguette, je in Italië al snel miljonair was met die stapels lire’s, dus waanzinnige fooien kon geven en je in Deutschland die moffen met gelijke munt probeerde te betalen. De grenscontrole’s hadden ook altijd wel iets, vond ik. Dat bracht toch een stukje extra avontuur in de vakantie. Tegenwoordig is het me allemaal te éen.
Een machtig gevoel gaf dat gisteren. Aan het stuur staan van een imposante schuit en die zonder mankeren over de woelige wateren van het majestueuze West-Friese polderlandschap te dirigeren. Dronken matrozen riepen ongevraagde adviezen vanaf het achterschip, maar de kapitein liet zich niet van de wijs brengen. De reis liep zo gesmeerd als die nieuwe trilstaaf van Durex, met extra glijmiddel. En dat terwijl het voor mij de eerste keer was dat ik een vaartuig bestuurde.
Een man staat bevrijd op straat. Hij wist het allemaal ook niet meer. Terwijl zij het precies wist. Dat had ze hem vanmorgen nog even duidelijk gemaakt. Dat het zijn schuld was. Dat alles zijn schuld was. Als giftige pijlen schoot ze vlijmscherpe woorden rechtstreeks zijn ziel in. Toen heeft hij de voordeur geopend en is naar buiten gestapt. Briesend in de deuropening siste ze zachtjes dat hij terug moest komen. Alsof de flinterdunne muren van de nieuwbouw haar onafgebroken scheldkanonnades binnenshuis zouden houden.
Hij heeft haar in zijn hoofd vermoord en is weggegaan. Op weg naar een schuldeloos leven.


